16 juni 2025
Sinds begin mei mag ik gebruik maken van een ruimte in het Etty Hillesumhuis om mijn tweede manuscript te voltooien. Het betreft een werk voor mensen van tien jaar en ouder, en het gaat over een jongen die tegen zijn wil bij zijn grootmoeder wordt gebracht, om daar een vakantie door te brengen. Het punt is: hij kent zijn grootmoeder niet door een familievete. En uiteraard stuit deze jongen op het geheim achter de vete en probeert hij de familie dichter bij elkaar te brengen, dapper als hij is.
Hij wel.
Het is jaren geleden dat ik een militaire test deed. Ik was pas een paar weken in opleiding bij de Koninklijke Marine met als doel officier worden. Alle baroe’s werden in een nagebouwd helikopterruim aan de rand van een zwembad geplaatst en ingesnoerd in gordels. Ik zat helemaal achterin het ruim, ver van de uitgang. Vervolgens klapte deze helikopter met een smak op het water en tuimelde het 180 graden rond. Langzaam liep de moot vol. Met ons hoofd naar beneden probeerden wij onze oriëntatie te hervinden. De opdracht? Bevrijd jezelf en kom weer boven.
Na afloop kreeg ik complimenten. Twee collega-baroes waren in paniek geraakt en ik had ze geholpen om los te komen en door een luik te ontsnappen. Ze kwamen veilig boven water. Ik had onzelfzuchtig gehandeld en er werd mij dapperheid toegeschreven.
Maar het echte verhaal was anders.
Het echte verhaal was dat ik zélf in paniek was geraakt en die twee die ik ‘geholpen’ had, blokkeerden mijn weg naar het ontsnappingsluik. Dat ik ze losmaakte en erdoorheen duwde, was puur eigenbelang. Alleen zo kon ik er ook zelf uit. Achteraf durfde ik niet mijn paniek op te biechten en veinsde een glimlach bij het ontvangen van de loftuitingen, te geschrokken van wat er zojuist was gebeurd.
Voor mij als oud militair zijn mei en juni maanden waarin de tweede wereldoorlog en andere gewapende conflicten heel dichtbij zijn. En altijd komt dit voorval naar boven. Etty wist wat haar te doen stond onder grote druk. En mijn protagonist weet ook wat hem te doen staat, tegen de wens van zijn familie in. En ik? Hoe dapper zal ik zijn als het zover komt? Wat doe ik als de vijand voor de deur staat? Zal ik altruïstisch de ander helpen die mij nodig heeft? Of kies ik voor mijn kinderen, voor mezelf?
Sinds die dag in het zwembad, durf ik het werkelijk niet te zeggen.
__________
13 mei 2025
Het is dinsdag vandaag. Zojuist heb ik de balkondeuren van het Etty Hillesumhuis geopend, mijn laptop opgestart en mijn schriften met aantekeningen neergelegd. Er staat een glaasje water naast me en mijn pennen liggen uitgelijnd. Ik ben er klaar voor.
Wat ik vandaag ga doen, weet ik nog niet. Er ligt een manuscript op mij te wachten. Bijna af is het. Bijna inderdaad. In die fase kan een schrijver lang ronddobberen. Wat het nog nodig heeft? Een extra laagje, wat structuur, kleine inhoudelijke verduidelijkingen. Goed te overzien dus. Maar waar te beginnen en wat te verbeteren? Want van veel moet ik vooral afblijven.
Eerst maar eens gewoon lekker zitten. Etty Hillesum glimlacht naar me. Haar citaat ‘Vooruit dan maar! Dit wordt een pijnlijk en haast onoverkomelijk moment voor mij: het geremde gemoed prijsgeven aan een onnozel stuk lijntjespapier’ links naast me.
Schrijven is niet moeilijk. Iedereen kan het. Liefst één miljoen Nederlands hebben een manuscript op hun laptop staan. Ik voltooide reeds een jeugdroman en een prentenboek of twee. Dus: what’s the big deal?
Die drempel… die onzichtbare drempel die zich manifesteert in een fluisterende stem in mijn oor: ‘kan ik het wel?’/ ‘kom ik er wel?’ / ‘lukt het me nog een keer?’ En soms ook ronduit luid in mijn oor tettert dat de uitdaging die ik mijzelf gesteld heb voor dit manuscript – werken met meervoudig vertelperspectief – een te grote is voor mij, dat ik mezelf overschat. Diezelfde stem houdt ook dwangmatig de klok in de gaten en meldt hoe weinig ik gepresteerd heb terwijl er toch al een half uur voorbij is.
Ik druk mijn rug in de leuning van de stoel, schuif wat met mijn billen heen en weer, bal mijn handen tot vuisten en strek mijn onderarmen. Ik moet een beetje op een marathonloper lijken die zijn beenspieren nog een laatste keer oprekt om het straks uren vol te kunnen houden. Maar dan anders.
Het is een kwestie van niet zeuren, niet over-denken, gewoon doen, gewoon beginnen. Huppetee… het eerste woord, de eerste zin, alinea… en dan…
Vooruit dan maar!
Kris Terwindt
Schrijvers- of kunstenaarsresidentie Geïnteresseerd in een schrijvers- of kunstenaarsresidentie in het Etty Hillesum Huis? Neem gerust contact met ons op om meer te weten te komen over de verhuurmogelijkheden en aanbiedingen!